078 619 30 68 info@steunpuntkoel.nl

Sinds 1 januari 2015 is de S1-functie van de wijkverpleegkundige geïntroduceerd. Het betreft de niet persoonsgerichte zorg van de wijkverpleging. Op een aantal plaatsen is dit gebaseerd op de ervaringen met de ‘Zichtbare Schakel’. Hoe verhoudt dit zich met de ontwikkeling van de sociale wijkteams? In een evaluatie van de S1-functie ie wij in opdracht van zorgverzekeraar VGZ hebben uitgevoerd, komen deze en andere vragen aan bod.

Kwalitatieve evaluatie S1-functie in Drechtsteden en Alblasserwaard/Vijfheerenlanden

Op initiatief van VGZ hebben wij de S1-functie van de wijkverpleegkundigen geëvalueerd om een eerste indruk te krijgen over ‘wat werkt wel en wat werkt niet?’ Voor uitvoerende verpleegkundigen enerzijds en het management van de zorgaanbieders/gemeenten anderzijds hebben aparte bijeenkomsten plaatsgevonden in de twee regio’s.

Samenvattend levert dat de volgende resultaten op.

1. Samenwerken en netwerkvorming
Alle S1-verpleegkundigen zijn verbonden aan Sociale Teams, soms structureel, soms op basis van casuïstiek. De S1 worden gewaardeerd door hun verpleegkundige expertise, hun medisch inhoudelijke vragen en hun attitude van “doener”. Het takenpakket van de S1 wordt breed ingevuld en heeft zowel medisch verpleegkundige als sociale aspecten. Zij beschouwen zich als specialist met een generalistische blik. Volgens het management kan de toegevoegde waarde nog groter worden, wanneer de S1 zich profileert in haar rol als netwerker, als verbindingsschakel tussen voorzieningen, disciplines, tussen zorg en welzijn. De functie van de S1 is, evenals die van het Sociale Team nog volop in ontwikkeling. De verpleegkundigen die ervaring hebben als Zichtbare Schakel hebben minder moeite met de afstemming tussen S1 en S2 taken ( “jasje aan, jasje uit”) en met het stellen van grenzen naar andere samenwerkingspartners. De S1 houdt zich vooral bezig met preventie, voorlichting, vroegsignalering, casusregie, kortdurende behandeling/het op gang brengen van het hulpverleningsproces.

Hoewel huisartsen de S1 soms nog als concurrent zien van hun praktijkondersteuner, verbetert de samenwerking naarmate de huisarts/POH ervaring op doet met de S1, de lijnen korter worden en de bekendheid toeneemt.

Aanbevelingen

  • Het maken van een eerste aanzet voor een taak-functieomschrijving voor de S1-taken, waarin de afstemming met de S2-taken en de afstemming met de taak/functie van het sociaal team. Dit ten behoeve van de duidelijkheid voor de verpleegkundigen en de samenwerkingspartners.
  • Het ontwikkelen van de competenties om zich te profileren als netwerker en verbindingsschakel in de wijk. Te denken valt aan ontwikkelen draaiboek, training of intervisie en organiseren sociaal café.
  • Het verbeteren van de samenwerking met de huisartsen/praktijkondersteuners in overleg met de zorggroepen.

2. Organisatie
Voor de huisartsen, maar zeker ook voor de andere samenwerkingspartners is de onafhankelijke positie, het “white label” belangrijk om te bewaken. De uitvoerende verpleegkundigen wijzen op het gevaar, dat S1-taken ondersneeuwen, zodra de S1-taken worden ondergebracht in het segment 2, mede door werkdruk vanuit de S2-functie en vanuit het Sociale Team.

Aanbevelingen

  • Afspraken over de beschikbaarheid van S1-functie in gebieden waar nu geen S1-verpleegkundigen zijn.
  • (Werk)Afspraken om ondersneeuwen van de S1-taken door S2-taken dan wel door taken van het sociaal team, te voorkomen.

3. Resultaat
De S1 functie is voor de burger laagdrempelig en de S1 komt bij burgers ook makkelijker “over de drempel”, omdat zij bekend zijn in de wijk door hun deelname aan groepsbijeenkomsten, spreekuren en door hun medisch verpleegkundig perspectief. De proactieve houding, de attitude van “doener” wordt door de burger gewaardeerd en komt vooral tot z’n recht in vroegsignalering en preventie. De S1 heeft aandacht voor vereenzaming, verwaarlozing, ggz-problematiek en psychiatrische problematiek. Ze bereikt (overbelaste) mantelzorgers, allochtone (vrouwen) en vrijwilligers in de wijk.

4. Successen en knelpunten
De inzet van de S1 wordt algemeen als een positieve en succesvolle ‘vernieuwing in de zorg’ gezien. De belangrijkste successen zijn:

  1. De verbindings-/schakelfunctie tussen disciplines, organisaties en domeinen zorg en welzijn.
  2. De vroegsignalering en het op gang brengen van coördinatie van casussen.
  3. De laagdrempelige bereikbaarheid

De belangrijkste knelpunten zijn:

  1. De afstemming tussen S1- en S2-taken en tussen de taken van de S1 en het Sociale Team (inhoudelijk en in tijdsbesteding)
  2. De bekendheid van de S1-functie (én het Sociale Team), vooral bij huisartsen
  3. De kwetsbaarheid door opleidingseisen en door de beschikbare uren en de privacy gevoelige informatiedeling in het sociaal team.

Aanbevelingen

  • Verder onderzoek naar de kwetsbaarheid van S1-functie bij de verpleegkundigen
  • Uitwerken en verspreiden afspraken over privacygevoelige informatiedeling.
  • Onderzoek naar mogelijkheden van uniforme registratie
  • Ontwikkelen opzet monitoring

Het management pleit voor een nieuwe evaluatie eind 2015 en aandacht voor de monitoring.

Aanbevelingen

  • Organiseren werkconferentie (en verspreiden conclusies evaluatie)
  • De evaluatie én de aanbevelingen bespreken met CZ ten behoeve van interventies in de CZ-regio.